Hoe komt het toch dat wij mensen, eens we het goed hebben en alles in handen hebben waar we enkele jaren geleden enkel nog van konden dromen – we toch de neus bij het volgende venster steken en zeggen: “nu wil ik dat!”
Het komt me zo bekend voor dat ik – bij elke opstoot – mezelf efkes in de linnenkast wil opvouwen. Want het start altijd uit een soort steentje in mijn schoen – hoe klein ook, het is onooglijk maar ik fixeer me erop en ik begin me er hartsgrondig over op te winden. Die opwinding katalyseert dan in een aantal uren waarin mijn humeur verpest wordt door het vaststellen van de frustratie en het feit dat het niet weggaat. Vervolgens begin ik mij er boos op te maken. En dan uitwegen bedenken – uren worden die dan worden doorgebracht op het internet en al pratend met de maten of de mensen die hetgene doen wat ik doe, inclusief plannen en budgetteren van skills die ik nog dien aan te leren en vaststellingen dat ik al veel te veel tijd heb verprutst in mijn jonge leven. Vervolgens focus ik me op een doel aan de einder, dat ik wil halen, zonder dat ik de nodige zelfdiscipline aan de dag leg. Ik hou me ledig met het doen van andere nuttige dingen en voel me schuldig als ik onnuttige dingen doe.
En zo een paar weken. Intussen heb ik opstootjes van plichtsbesef en koop ik de nodige boeken of materialen voor mijn doel. Vlagen van zelfvertrouwen wisselen af met vlagen van defaitisme. Maar meestal blijft het vooral het doel aan de einder, ver weg.
Tot het moment komt dat ik moet beginnen en dan met lange tanden begin en er eigenlijk lol in heb, maar het niet meer ten volle ten goede kan doen. en achteraf boos om de verloren tijd. De historie van elke uitsteller I guess.
Een andere vraag hierbij: vanwaar die drijvende ambitie – en waarom geen ambitie die echt hoge toppen scheert of me leidt naar nieuwe ervaringen (zeilen iemand? duiken iemand? lange reizen iemand?) het is altijd hakken over de sloot ambitie. ik zal het doen onder druk ambitie.
whatever. Ik zit in elk geval met een nieuw plan en het doel is niet aan de zo verre einder. de kans op slagen is klein maar wie niet waagt…